Jason Hickel *
Volgens de bekende antropoloog Jason Hickel tonen westerse studies aan dat het politieke systeem in China sterk gesteund wordt door het volk. De meeste Chinezen geloven dat hun regering democratisch en eerlijk is en de belangen van het volk dient. (oorspronkelijk artikel op substack JH)
In het Westen wordt vaak beweerd dat de regering in China niet de nodige legitimiteit van het volk heeft. Ze zou haar macht alleen behouden door middel van dwang. Maar actueel bewijsmateriaal in twee belangrijke studies over deze kwestie – beide uitgevoerd door algemeen erkende westerse instellingen – laat het tegenovergestelde zien.
Deze studies tonen aan dat de regering in China sterk gesteund wordt door het volk. Ze tonen aan dat de meeste mensen in China geloven dat hun politieke systeem democratisch en eerlijk is en de belangen van het volk dient.
Harvard
De eerste studie is gepubliceerd door het Ash Center for Democratic Governance and Innovation van de Universiteit van Harvard. Het Ash Center onderneemt ‘het langst lopende onafhankelijke onderzoekswerk om de tevredenheid van Chinese burgers over de prestaties van de overheid te volgen’, zoals zij zelf schrijven. Sinds 2003 houden de medewerkers regelmatig enquêtes. De meest recente publicatie van de resultaten dateert van 2020. De titel van het rapport is ‘Understanding CCP Resilience: Surveying Chinese Public Opinion Through Time’. (Inzicht in de veerkracht van de CPC: Onderzoek van de Chinese publieke opinie door de tijd heen). Dit is geen pro-Chinese publicatie. In tegendeel, het Ash Center gaat uit van de stelling dat het politieke systeem van China een autoritair systeem is dat afhankelijk is van dwang en daarom waarschijnlijk te maken zal krijgen met een crisis van publieke legitimiteit. Maar de feitelijke resultaten van het onderzoek leiden tot heel andere conclusies. De auteurs vatten hun resultaten als volgt samen. ‘We stellen vast dat sinds het begin van het onderzoek in 2003, de tevredenheid van Chinese burgers met de overheid vrijwel over de hele lijn is toegenomen. Of het nu gaat om de impact van de grote lijnen van het nationale beleid of over het optreden van lokale ambtenaren, Chinese burgers beoordelen de overheid als capabeler en effectiever dan ooit tevoren. Interessant is dat gemarginaliseerde groepen in armere regio’s van het binnenland relatief vaker een grotere tevredenheid melden. Ten tweede lijkt er een (zowel positieve als negatieve) samenhang te bestaan tussen de standpunten van Chinese burgers en de reële veranderingen in hun materiële welzijn.’

Uit het rapport blijkt dat de tevredenheid van de bevolking over de centrale overheid extreem groot is. In 2016, het laatste jaar waarover gegevens beschikbaar zijn, bedroeg deze 93%, een percentage dat in de loop van de tijd over het algemeen was gestegen. De tevredenheid met de lagere bestuursniveaus is iets lager, maar nog steeds zeer groot. Zo kregen de provinciale besturen bijvoorbeeld 82% steun in het recentste jaar waarover er gegevens zijn.
Alliance of Democracies
De tweede studie is van de Alliance of Democracies (AoD), een Deense ngo die werd opgericht door voormalig secretaris-generaal van de NAVO en voormalig premier van Denemarken A.F. Rasmussen. De AoD werkt samen met Latana, een marktonderzoeksbureau uit Duitsland, om jaarlijks onderzoek te doen naar de perceptie van democratie in meer dan 50 landen over de hele wereld. Sinds 2019 publiceren zij elk jaar het Democracy Perception Index-rapport. Het is de zogenaamde gouden standaard, het beste van het beste, in de sector. Het zijn liberale instellingen die zeker niet kunnen worden beschuldigd van pro-Chinese vooringenomenheid die het rapport opstellen. En toch leveren de resultaten over China consequent verrassingen op.
Volgens het meest recente rapport (2024) hebben de mensen in China een overweldigend positief beeld van hun politieke systeem. Maar liefst 92% van de mensen zegt dat democratie belangrijk voor hen is, 79% zegt dat hun land democratisch is. Voor 91% van de bevolking dient de regering de belangen van de meeste mensen (in plaats van die van een kleine groep). Alle mensen in China hebben gelijke rechten voor de wet volgens 85%. Bovendien presteert China op deze indicatoren beter dan de VS en de meeste Europese landen – het heeft zelfs enkele van de beste resultaten ter wereld. In de onderstaande figuur worden de resultaten van China vergeleken met die van de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië. Deze resultaten kunnen helpen verklaren waarom het Ash Center zo’n grote tevredenheid over de overheid waarneemt.

Het AoD-onderzoek peilt ook naar de perceptie die mensen hebben van vrijheid van meningsuiting en vrije en eerlijke verkiezingen. Ook hier presteert China beter dan de VS en het grootste deel van Europa. Met de stelling ‘Iedereen in mijn land kan vrij zijn mening geven over politieke en sociale onderwerpen’ was slechts 18% van de mensen in China het oneens (vergeleken met 27% in de VS). En met ‘Politieke leiders in mijn land worden gekozen in vrije en eerlijke verkiezingen’ was slechts 5% in China het oneens (vergeleken met 27% in de VS).
Zelfcensuur-proof
Een mogelijk punt van kritiek is dat mensen in China niet graag negatieve dingen zeggen over hun regering omdat ze bang zijn voor repressie. Maar de methodologie van Latana is expliciet ontworpen om deze mogelijkheid tegen te gaan. Het AoD-rapport stelt: ‘In tegenstelling tot enquêtes die persoonlijk of telefonisch worden afgenomen, kan de anonimiteit die de Latana-methodologie biedt bijdragen aan het verminderen van vertekening in de respons, vertekening door de interviewer en zelfcensuur door de respondent’. Deze methoden lijken effectief te zijn. Als de positieve resultaten van China te wijten zijn aan angst voor repressie, dan zouden we verwachten dat we soortgelijke positieve resultaten zouden zien in landen die worden beschouwd als landen met repressieve regimes, maar dit gebeurt niet. Mensen die in dergelijke landen leven, aarzelen niet om kritische meningen te uiten. In Rusland bijvoorbeeld zei slechts 50% van de mensen dat hun land democratisch was.
Het Chinese democratische politieke systeem
Veel mensen zijn verrast door de AoD-resultaten voor China omdat ze denken dat China eigenlijk geen democratisch systeem heeft. Het is waar dat China geen liberale democratie naar westers model heeft, waar kiezers om de paar jaar het staatshoofd kiezen. Maar het heeft wel zijn eigen democratische systeem, dat het een whole-process people’s democracy, (integrale volksdemocratie) noemt, met principes van democratisch centralisme en een uniek partijenstelsel. Dit systeem probeert de betrokkenheid van het volk bij het beleidsvormingsproces te institutionaliseren om ervoor te zorgen dat het inspeelt op de behoeften van de bevolking (zie samenvattingen hier en hier, en een podcast met professor Ken Hammond uit de VS hier). Directe verkiezingen vinden plaats op de twee meest lokale niveaus van het Nationale Volkscongres, waarbij de gekozen afgevaardigden vervolgens hun stem uitbrengen op de hogere niveaus.
‘In het belang van de meeste mensen’
Wat je ook van dit systeem vindt, het is duidelijk dat de meeste mensen in China het goed vinden.
De resultaten van het AoD-onderzoek suggereren dat als het gaat om de perceptie van mensen van democratie, het belangrijkste niet is of hun land verkiezingen heeft zoals in het Westen, maar of ze geloven dat hun regering handelt in het belang van de meeste mensen. In veel westerse landen met regelmatige meerpartijenverkiezingen geloven mensen niet dat hun regering handelt in het belang van de meeste mensen en geloven ze niet dat hun land democratisch is. In China hebben de meeste mensen de indruk dat hun regering wel in het belang van de meeste mensen handelt.
Dit resultaat is niet bijzonder verrassend, aangezien de CPC aan de macht kwam door een volksrevolutie die de massale steun genoot van boeren en arbeiders, met als expliciete doelstelling het leven van de onderdrukte meerderheid te verbeteren. Hoewel China in de loop der tijd een aantal grote beleidsveranderingen heeft doorgemaakt, waaronder een proces van liberalisering van de markt in de jaren tachtig dat leidde tot hoge inflatie en wijdverspreid protest, heeft de regering het afgelopen decennium krachtige stappen gezet om de armoede terug te dringen en te zorgen voor universele toegang tot goede huisvesting, voedsel, gezondheidszorg en onderwijs.
Dit wil niet zeggen dat het politieke systeem van China geen problemen en interne tegenstrijdigheden heeft die overwonnen moeten worden. Dat is zo, net als in alle andere landen – niemand kan redelijkerwijs het tegendeel beweren. Maar deze studies wijzen op een belangrijke realiteit die we onder ogen moeten zien: dat het Chinese volk veel meer respect heeft voor zijn politieke systeem dan mensen in het Westen geneigd zijn aan te nemen.

Jason Hickel is een bekende antropoloog. Hij heeft zowel de Britse nationaliteit als die van Eswatini waar hij is geboren en opgegroeid. Zijn specialismen zijn politieke economie, ongelijkheid en ecologische economie. Hickel doceert aan een aantal prestigieuze universiteiten, onder andere in Barcelona en Londen.
disclaimer foto website auteur overgenomen met zijn toestemming
Vertaling D. Nimmegeers
Voor wie meer wil lezen over de Chinese democratie: artikelen van
Roland Boer, Jenny Clegg en Peter Peverelli