Westerse media (een beetje) milder voor China

Bi Jianlu, commentator bij de South China Morning Post, schrijft dat er ten opzichte van China in het Westen ‘een subtiele maar waarneembare verschuiving gaande is (…) en een afzwakking van de harde kritiek, naast een aanhoudende analytische focus’. Dat lijkt enigszins te kloppen, maar we zijn er lang nog niet.

Chinese toeristen in Xi’an, een positief beeld….enkel in de Chinese media Foto Xinhua/JZou Jingy Disclaimer

Jan Reyniers

Samen met enkele collega’s voerde Bi een inhoudsanalyse uit van de grote westerse nieuwsmedia. Ze bekeken daarbij de frequentie van trefwoorden met betrekking tot China’s economie, technologie en milieu in de periode 2019-2025. De gekozen trefwoorden werden gecategoriseerd als positief, negatief of neutraal. Bi analyseerde 10 grote Britse en Amerikaanse nieuwszenders, waaronder CNN, BBC News en The New York Times.

Uit zijn onderzoek bleek dat bijna 70 procent van de verhalen over de Chinese economie, technologie of het milieu in 2019 een negatieve toon hadden. Bi stelde vast dat tegen 2025 het aandeel negatieve verhalen tot ongeveer 40 procent was gedaald. Er zou ook een toename zijn van neutrale berichtgeving in alle categorieën en van positieve berichtgeving over de economie.

Via Europese onderzoeken weten we dat de grote Europese media vrij slaafs de opiniërende trends volgen die door VS-persconcerns worden uitgezet. De studie van Bi en zijn collega’s zal dan ook allicht de komende maanden en jaren die aloude, op de VS geïnspireerde tendens volgen. Daar verwezen we overigens al naar in een eerder artikel.

Veranderend geopolitiek landschap

Het heeft er alle schijn van dat het vooral het recent veranderde geopolitieke landschap is dat westerse media tot een meer open houding ten opzichte van China verleidt. Een ernstige economieredacteur van een westers massamedium kan immers niet anders dan vaststellen dat de Chinese economie erg stabiel is. Zeker als je Beijings beleid contrasteert met Trumps economische bokkensprongen, die het land regelrecht naar een recessie lijken te voeren. Die potentiële VS-recessie zou de hele westerse economie wel eens in een verstikkende draaikolk kunnen gaan meezuigen.

Groene transitie

Daarnaast moeten journalisten uit het ‘vrije’ Westen ongetwijfeld ook vaststellen dat China’s groeiende nadruk op groene ontwikkeling de sympathie opwekt van het brede publiek. In tegenstelling tot hun eigen massamedia die vandaag vooral oproepen tot fikse herbewapening, maakt Jan met de pet zich nog steeds grote zorgen over de klimaatverandering. Op het vlak van duurzame productie valt niet te ontkennen dat China ondertussen het voortouw neemt, terwijl de VS stappen terugzet en weer zijn toevlucht neemt tot ‘drill, drill, drill’.

Volgens Bi ’trekt China wereldwijd de aandacht van milieuactivisten, beleidsmakers en industriëlen met zijn ambitieuze doelstellingen inzake hernieuwbare energie om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen’. Je kunt er als gedegen westerse journalist ook niet (langer) naast kijken dat China wat betreft groene transitie wereldleider is geworden, een feit dat erkend wordt door het Internationaal Energie Agentschap. China is bijvoorbeeld goed voor 80 procent van de wereldwijde productiecapaciteit van zonnepanelen. Daarnaast boekten Chinese bedrijven (Deepseek, Huawei, …) spectaculaire vooruitgang op het gebied van open source modellen voor AI en telecommunicatie.

Sociale media

Tot slot zijn er, volgens diezelfde Bi, ook nog de sociale media. Zij zouden ‘een aanzienlijk effect [hebben] op de perceptie van het publiek’. Daardoor zouden westerse mediakanalen onder druk komen te staan om naar evenwichtige berichtgeving te streven door op zijn minst deze Chinese prestaties te erkennen.

Kortom: het zou de westerse journalistiek sieren objectief te blijven openstaan voor dialoog en samenwerking met China. De eerste stappen in die richting worden gelukkig effectief gezet.

Wie trekt aan de touwtjes?

De westerse pers is (helaas) vooral een commerciële bedoening, waarin de financiële belangen van de eigen aandeelhouders vooropstaan. Het gaat hierbij om erg grote concerns die hun journalisten (vaak subtiel, soms grof) de levieten lezen van zodra ze vermoeden dat een bepaald standpunt hún belangen kan schaden. Helaas zullen we, ondanks de positieve signalen van vandaag, op een reële doorbraak van een kritische, maar open benadering van China moeten wachten tot de pundits van de grote westerse mediaconcerns inzien dat ze er zélf alle belang bij hebben en hun journalisten ‘vrijheid’ gunnen.

Tot slot nog een typisch voorbeeldje van minder goede beeldvorming over China. Belgische kwaliteitskranten kleuren nog steeds volop negatief in als het over China gaat. Zo lees ik op 28 maart een artikel van Nico Tanghe in de Standaard onder de kop ‘EU zet zich schrap voor grote handelsoorlog met VS, China ruikt zijn kans’. Terwijl de journalist vrij neutraal schrijft over de vertroebelde EU-VS-relaties, valt die objectieve beheersing plots weg van zodra het over China gaat. China wordt afgeschilderd als een ‘derde hond’ die ‘zijn kans ruikt’ om van de Europese prooi ‘te profiteren’. Over de mogelijke win-winsituatie voor beide potentiële handelspartners geen woord. Er is nog werk aan de (pers)winkel…

Bron: South China Morning Post

Over de auteur:
Jan Reyniers studeerde Germaanse filologie in Antwerpen. Hij was enkele jaren actief als leraar en freelance journalist tot hij zijn ware roeping vond als vertaler en redacteur bij de uitgeverij EPO. Hij vertaalde en redigeerde er hoofdzakelijk de ‘grote linkse Amerikanen’. In 2019 waagde hij zich aan een historische roman Kleine mensen, Grote Oorlogen (EPO), waarvoor hij inspiratie vond in de arbeidersgeschiedenis van zijn ouders en grootouders. Daarnaast schrijft en vertaalt hij artikels voor De Wereld Morgen, Lava, en recent ook voor Chinasquare.